Geplaatst op Geef een reactie

Aardig zijn

Eigenlijk ken ik haar niet.

Ik weet ongeveer waar ze woont. Daar houdt het mee op.

Maar als ik haar tegenkom zwaait ze zo uitbundig naar me, alsof ik haar beste vriendin ben. En dat is aardig. Heel aardig.

Zo was er ook een gemeenteambtenaar. Hij zocht contact met een moeder. Haar zoon was onlangs verhuist naar een beschermde woonvorm. Zijn vervoermiddel; een duofiets met trapondersteuning was bij haar in de schuur blijven staan. Met die fiets kon ze hem in de weekenden ophalen en wegbrengen. En in het weekend konden ze samen naar de stad fietsen of op visite gaan bij vrienden en kennissen.  Zelf betaalde de zoon al ruim zes jaar maandelijks mee aan het gebruik van zijn fiets, de gemeente betaalde mee. Nu de zoon naar een buurgemeente was verhuist wilde de gemeente de huur van de fiets, per direct, opzeggen. De moeder had om tijd gevraagd. Ze wilde de fiets graag houden.

De gemeenteambtenaar wilde komen praten. Hij dronk een kopje thee en zag de vrolijke foto’s aan de wand van de zoon. Hij vertelde openhartig over zijn eigen ‘zorgen’kind. En hij luisterde naar de moeder.

Toen hij weg ging stelde hij haar gerust. Hij had het meteen gezien. Deze moeder met haar bewerkelijke zoon konden de fiets goed gebruiken. Hij zou wat gesprekken aan gaan. Een beetje trekken, een beetje duwen aan de ambtelijke molen. Maar ze mocht er vanuit gaan dat de fiets mocht blijven. En dat is aardig. Heel aardig.

Geplaatst op Geef een reactie

Afgrond

Daar ging ik. Een vrije val.

Het had een avondwandelingetje moeten zijn van een kilometer of vijf, zes. Met dochter en hond volgde ik de pijltjes die her en der waren aangegeven. We liepen alleen steeds hoger een berg op. En het begon een beetje te schemeren. In de diepte konden we het dorpje nog zien liggen en ik dacht een pijl te zien. De hond weigerde. Te stijl. Ik deed toch een stap en gleed, vrijwel direct, naar beneden. Om in een wat lager gelegen boom te belanden. ‘Niets aan de hand’ riep ik naar mijn dochter. Ik klom uit de boom en klauterde weer omhoog.

Het liep goed af. Wat kleine wondjes en blauwe plekken.

Als ik moe ben of me zorgen maak, sta ik opnieuw bovenop de berg. Ik kijk naar het afgrond. Er zijn tijden geweest waarin ik overwogen heb om  weer een stap te zetten. Gewoon omdat ik geen andere manier zag om de berg af te dalen. Zonder hoop op een boom die mijn val, opnieuw, zou breken.

Nu weet ik wel dat er een veiliger pad naar beneden loopt. Toch is het op een bepaalde manier verleidelijk om op de berg te blijven staan en naar beneden te turen. Stil staan bij wat er allemaal gebeurd is en wat er had kunnen gebeuren.

Het is tijd om door te lopen, voor het helemaal donker wordt.

Geplaatst op 1 Reactie

Ik voel, dus ik ben kwetsbaar

‘Waarom voel ik toch iedere keer weer de behoefte om iets te zeggen?’ dat is wat ik dacht toen ineens alle ogen op mij gericht waren.

Gisteravond was ik aanwezig bij een avond waarin er gesproken werd over rouw. De organisatoren hebben als doel dat het praten over de dood normaal gaat worden in onze samenleving. Om dit te ondersteunen zijn er maandelijks bijeenkomsten waarin ruimte wordt geboden om ervaringen te delen over verlies.

Ik deelde dat het zo lastig is om over de dood, rouw en verlies te praten als er mensen zijn die vooral niet willen praten over dood, rouw en verlies. Dat ik me dan alleen voel, met mijn verdriet.

Maar ja, ik weet niet meer precies hoe ik het zei en we hebben afgesproken dat, wat er gezegd is,  niet naar buiten gebracht wordt, maar wat ik zei riep van alles op binnen de groep.

Als ik op dat moment door de grond  had kunnen zakken, letterlijk, dan had ik het gedaan. Ik begreep heel goed dat er in alles wat gezegd werd een kern van waarheid zat. Ik was zelfs plaatsvervangend opgelucht omdat een deelnemer die zo overweldigend verdriet had, zich had uitgesproken. Maar zelf hoorde ik alleen de verwijten die ik de laatste jaren zoveel gehoord heb.

Ik was naar deze avond toegegaan omdat ik me minder alleen wilde voelen.

We zijn, met z’n allen, geneigd om vooral heel veel na te denken over wat we voelen. We beoordelen ons gevoel met onze gedachten en proberen daarmee ons gevoel in te dammen. We proberen een logisch verband te leggen tussen wat we voelen en wat ons is overkomen. En als dat niet lukt dan onderdrukken we ons gevoel.

Maar het gaat niet om het achterhalen waarom het verdriet zich nu aandient. Net als dat het ook niet bijdraagt om te horen krijgt dat je eenzaam bent omdat je geen verbinding kunt maken met mensen die anders rouwen. Het helpt niet om te beseffen dat het verlies van anderen groter is.

Het was genoeg geweest als mijn gevoel er had mogen zijn. Als we met elkaar hadden kunnen praten over hoe eenzaamheid kan voelen. Hoe moeilijk het is om daar geen oordeel over te hebben.

Nou ja, het is wel duidelijk hoe moeilijk dat is.

Het zal me opnieuw overkomen dat mijn woorden dingen oproepen en dat ik het gevoel krijg dat ik word aangesproken, beschuldigd bijna. En hoe ik ook mijn best zal blijven doen om mijn mond te houden, ik zal, vroeg of laat, toch weer zeggen wat ik voel. Net zo lang tot we met elkaar in staat zijn om elkaars gevoelens ruimte te geven. Net zo lang tot ik in staat ben om mijn gevoelens ruimte te geven.

Geplaatst op Geef een reactie

Maak jij al deel uit van een vloeiende waardeketen?

Allergie- woorden

Woorden waar ik nog nét geen uitslag van krijg.

Excellent.

Om een beetje carrière te kunnen maken in de zorg bleek het nodig te zijn om een portfolio samen te stellen. Als een ware  kunstenaar. Ik kreeg er van mijn werkgever zelfs een dikke map voor. Daar kon ik dan mijn kwaliteiten in opbergen. Diploma’s, getuigschriften, bewijsstukken voor bijgewoonde symposia en deelgenomen workshops. Daarnaast moest  ik een soort autobiografie schrijven. Het moeilijke was dat ik uiteen moest zetten waar ik excellent is was. Ik kende voordien het woord excellent eigenlijk voornamelijk als zijnde de aanspreektitel van een hooggeplaatst persoon. Zijne of Hare Excellentie. Verder was het gebruik van het woord ‘excellent’ wat mij betreft alleen op z’n plaats als iets werkelijk subliem, hoogstaand en perfect was. Iets wat heel zeldzaam is, omdat er altijd wel iets beter kan. In ieder geval kon  ik excellent niet rijmen met iets wat ik ooit gepresteerd had, noch ooit zou presteren. Je begrijpt; met verdere carrière maken in de zorg is het niets geworden.

Concreet.

Ooit was het doel van de zorg ‘mensen beter maken’. Dit doel bleek de lading niet te dekken. Knappe koppen stelden vooral vast dat een doel moest voldoen aan  de eisen; specifiek, meetbaar, acceptabel, realistisch en tijdgebonden. Onder het mom van; een goed omschreven doel leidt altijd tot betere resultaten dan een vage visie. In de dagelijkse praktijk bleek het niet zo makkelijk. Niet zelden veranderde de daadwerkelijke situatie voordat we in staat waren om het eens te worden over het te formuleren doel. Frustrerend. Ook omdat ik hevig ging twijfelen. In de zorg zijn veel omstandigheden denkbaar waarbij het niet zinvol is om een doel op te stellen via de SMART methode. Omdat zorgen voor niet heel concreet is. Het is vaak zoeken naar een passende manier om iemand anders te helpen, bij te staan, te behandelen. En dat is per definitie vaag. Dus als ik een poging doe om na te gaan hoe de zorg voor een ander er uit zou moeten zien en er wordt gevraagd; ‘en hoe ziet dat er dan uit, concreet?’ dan haak ik af.

Ik kan nog wel verder gaan. Zelfsturende teams, Kantelen van de organisatie, Verbeterpotentieel, Vloeiende Waardeketens en dan nog tal van Engelse termen die te pas en te onpas gebruikt worden in de zorgsector. Woorden die overwaaien vanuit het bedrijfsleven. Ik hoop op een storm waarmee deze woorden linea recta terugwaaien naar plaatsen waar ze minder schade kunnen uitrichten.

Mieneke

Geplaatst op Geef een reactie

Meer over mij

‘Wat ik dus niet begrijp is dat er mensen zijn die hardnekkig vast blijven houden aan overtuigingen, ook al draag ik zulke logische argumenten aan om toch, op z’n minst, te twijfelen’ zei ik tegen een goede vriend.

Waarop hij me vroeg; ‘En wie ben jij om anderen de les te lezen?’.

Volgens deze goede vriend heeft een ieder levenslessen te leren. Het is alleen de vraag of het mijn taak is om anderen te wijzen op en te behouden voor denkfouten. Is het niet van belang dat iedereen, op zijn eigen manier, in zijn eigen tempo, door het maken van eigen fouten, leert?

En ja, dat vind ik heel belangrijk. Leer wat jij denkt nodig te hebben in je leven, op een manier die bij je past en maak vooral je eigen fouten. Daar leer je het meest van.

Wat ik je, met Is je talent al bekend, wil aanbieden is een werkvorm waarmee je, helemaal zoals jij dat wilt, kunt onderzoeken wat je talenten zijn. Of welke overtuigingen je hebt. Ik geef je achtergrond informatie en stel vragen. De antwoorden mag je voor jezelf houden. Want wie ben ik om jou de les te lezen.

Mijn naam is Mieneke Vaas. Ik heb een visie. Jezelf ontwikkelen maakt je geen beter mens. Ontwikkeling is noodzakelijk om te blijven wie je bent. Of om weer te worden wie je bent. Want door te zijn wie je bent weet je wat je nodig hebt en wat jij kunt geven.

Geplaatst op Geef een reactie

Ontwikkelingsgericht leren

Bijna stampvoetend kwam ze thuis.

Voor Nederlands moest ze de spellingsregels uit haar hoofd leren.

Belachelijk.

Ze past ze moeiteloos toe, dankzij haar taal gevoel.

Die regels gaat ze dus echt niet leren. No way!

Met ontwikkelingsgericht leren wil ik dus ook echt niet dat je dingen gaat leren die je al weet en kan toepassen. Het lesmateriaal is zo gemaakt dat je dat kunt leren wat jij belangrijk vindt, wat jij nodig hebt om jouw werk in de zorg te kunnen blijven doen.

Liefs, Mieneke

Geplaatst op Geef een reactie

Kennis en ervaring

Vol bewondering keek ik naar mijn ervaren collega. Wat zij kon, dat moest ik nog allemaal leren.

Tot ik geleerd om sondes in te brengen, medicatie toe te dienen en infuuspompen in te stellen.

Toen keek ik vol bewondering naar mijn collega met nog meer ervaring. Wat hij kon, dat moest ik nog allemaal leren.

Tot ik arterielijnen in elkaar kon zetten, beademingsapparatuur kon instellen en bloed kon afnemen.

Toen keek ik vol bewondering naar collega’s die hun kennis en ervaring toepasten tijdens het werk. Dat ze soms iets juist niet, andere keren dat juist wel deden. Wat zij konden, dat moest ik nog allemaal leren.

Tot ik er achter kwam dat het nooit ophoudt. Dat er altijd nieuwe kennis voorhanden is. Dat je steeds nieuwe ervaringen op doet.

Het is niet je kennis en ervaring waarmee je een goede zorg professional wordt, het is je instelling om steeds nieuwe kennis en ervaring op te willen doen.

Geplaatst op Geef een reactie

Het snijvlak tussen dood en leven

Hij was net terug uit het ziekenhuis.

Zijn hart.

Na het eten ging hij nog even een blokje om.

In de gang voelde hij zich niet goed.

Met zijn vrouw aan de ene kant

en ik aan de andere kwamen we in de kamer.

Daar zakte hij neer.

En ik bleef bij hem, terwijl het alarmnummer werd gebeld.

Ik stelde hem gerust, dat het allemaal wel goed zou komen.

Hij was dood toen de ambulance arriveerde.

Niets meer aan te doen.

Ik was net een paar maanden in opleiding om zorg professional te worden. Hoe kon ik weten dat het niet meer goed zou komen?

Tot ik terug kon kijken op jarenlange ervaring en diverse zorg gerelateerde opleidingen. Toen wist ik nog steeds niet wanneer het wel of wanneer het niet meer goed zou komen.

Hoe meer ik wist, hoe meer te weten kwam wat ik nog niet wist.

Misschien had ik hartmassage moeten toepassen, misschien had ik hem moeten ontraden om na het eten nog een wandeling te maken maar het kwam niet in me op.

Ik kon alleen maar denken; Hou hem vast, zorg dat hij weet dat hij niet alleen is.

Met de kennis en ervaring die ik toen had en nu heb, geloof ik dat ik het goede heb gedaan.

Geplaatst op Geef een reactie

Zorg professional

Het werd haar echt te veel.

Bijna ongemerkt waren er steeds meer taken op haar bordje terecht gekomen.

Ze had ze laatst eens zitten tellen.

Geen wonder dat ze zo moe was.

Dat ze nergens meer zin in had.

Ze was naar de leiding gestapt.

Aangeven dat de taken anders verdeeld moesten worden.

Dat het haar echt te veel werd.

De leiding zou het meenemen.

Oppakken.

Binnen twee weken.

Maar er gebeurde niets.

Ook niet na twee weken.

Ze sprak de leiding er op aan.

Ze kreeg de volgende reactie;‘ Ze liep toch nog steeds vrolijk over de gang? Ze deed toch nog steeds al haar werk?’

De inschatting van de leiding was; ‘dat het allemaal wel mee viel- dat het niet zo’n vaart zou lopen’.

En zij maar denken dat ze zich professioneel had opgesteld.

Geplaatst op Geef een reactie

Zorg ervaren

Het waren twee telefoontjes, of eigenlijk drie.

En een ritje naar het ziekenhuis waar ik, ooit,  mijn opleiding volgde.

Het was een dag die gewoon voorbij ging,

toch ik wist dat het nooit meer hetzelfde zou zijn.

Meer dan vier jaar geleden en ik weet

nog welke kleren ik droeg;

welke route ik liep, de dag daarna.

Ik had zo vaak op het snijvlak tussen dood en leven gestaan,

Maar toen was ik zorg professional;

gewapend in mijn uniform,

in functie,

ik kon mij verschuilen achter belangwekkende taken.

Nu als zus, dochter en moeder

stond ik met lege handen.

De dag ging gewoon voorbij.

Het verdriet ging door.

‘Je zou eens moeten voelen, wat ik voel!’ beet een patiënt mij toe, nadat ik hem had aangespoord om uit bed te gaan. Ik dacht nog; dat zou effe lekker zijn- als ik alle pijn zou moeten voelen die de mensen die ik verpleegde zelf zou moeten voelen… dan zou ik mijn werk niet meer kunnen doen.

Zodra je een ervaring hebt als patiënt of als naast familielid van een patiënt blijkt het inderdaad een stuk lastiger om je nog veilig te voelen in je uniform. Laat staan dat je je nog kunt verbergen achter infuuspompen, katheter zakken of rapportages. In één klap overzie je wat er is. Meer dan je lief is.

Ga maar even bij de pakken neer zitten. Laat de boel, de boel. Ik hoop dat je, als het jouw tijd is, het werk wilt verrichten dat nodig is. De zware arbeid die de beproevingen die je hebt doorstaan, omzet naar waardevolle kennis en ervaring  als zorg professional. Maar vooral als mens.

liefs, Mieneke